Over aansturingsmodellen: Regie bij de reiziger

Redactie Forseti

Over aansturingsmodellen: Regie bij de reiziger

VOOR INCLUSIE EN

ZELFREDZAAMHEID

Redactie Forseti

Bij dit model ligt de regie, zoals de naam al doet vermoeden, letterlijk bij de reiziger. Dat klinkt natuurlijk heel mooi en geeft de reiziger veel vrijheid om zelf vervoer te organiseren. Doordat de reiziger zelf de regie heeft en kiest voor een vervoerder ontstaat er ‘op straat’ concurrentie tussen vervoerders wat de kwaliteit moet borgen. Na een slechte ervaring met een vervoerder belt de reiziger immers de volgende keer gewoon een ander.   

Wel of niet aanbesteden

De meest vrije oplossing zou dan zijn om de reiziger een eigen budget te geven waarmee vervoer besteld kan worden. Maar dan heb je als overheid ook geen enkele controle en zicht meer op de kwaliteit van het vervoer en hoe budget besteed wordt. Een alternatief is om toch aan te besteden. Je selecteert dan meerdere vervoerders in je aanbesteding waaruit de reiziger vervolgens mag kiezen. 

Een tussenvorm kan ook: een constructie tussen gemeente(n) en meerdere vervoerders in een gebied, waarin afspraken worden gemaakt over het indienen van declaraties voor gereden ritten en de voorwaarden daarvoor. Voordeel hiervan is dat in principe iedere vervoerder mee kan doen zolang ze zich conformeren aan de voorwaarden en dat er geen aanbestedingsprocedure nodig is.

Nadeel is dat je minder invloed hebt op uitvoeringsaspecten en de controle daarop vanuit de gemeente, bijvoorbeeld dat er altijd aanbod voor de reiziger moet zijn. Aan de andere kant, het is juist de reiziger die je de regie wilt geven en die dus voor een andere vervoerder kan kiezen als de uitvoering niet goed is. Deze vorm van marktwerking komt met de Wmo-doelgroep echter niet altijd goed uit de verf. 

Geen sturing op slimme combinaties

Een groot nadeel van dit model, in welke vorm dan ook, is dat er geen sturing meer mogelijk is op slimme combinaties van ritten. Het kan namelijk zo zijn dat Riet een rit bij vervoerder A bestelt en dat Piet zijn reis bij vervoerder B plant, terwijl hun ritten prima gecombineerd hadden kunnen worden. De gemiddelde kosten per rit zijn in dit model daarom vrijwel altijd hoger.

Kansen in een nieuwe markt van mobiliteit

Dat je niet hoeft aan te besteden maakt dit model wel interessant als je kijkt naar de nieuwste ontwikkelingen. Bijvoorbeeld wanneer met een MaaS-toepassing het totale aanbod van vervoerders inzichtelijk wordt. Of dat de mogelijkheden om continue klanttevredenheid te meten beter inzicht geven in de prestaties van vervoerders. Hierdoor worden de keuzes die gemaakt worden door de reiziger transparanter en kan de data gebruikt worden om de kwaliteit te verbeteren.

Dit vraagt wel echt om een andere manier van denken en minder sturen op dit vervoer dan gemeenten op dit moment gewend zijn. En vooral ook meer verantwoordelijkheid bij de reiziger laten liggen.   

Benieuwd of regie bij de reiziger iets voor jouw gemeente is? Neem dan contact met ons op.

Wil je meer weten?

Wij informeren je graag.  

Bekijk ook

Samenredzaamheid in mobiliteit bij gemeente Leiden: stap voor stap naar zelfstandigheid

Dagelijks vertrouwen honderden kinderen binnen de gemeente Leiden op leerlingenvervoer om op school te komen. Fijn voor ouders en kinderen dat zij hier gebruik van kunnen maken, maar het brengt ook stress met zich mee. Strakke planningen, lange ritten en weinig eigen regie. Voor ouders en kinderen kan die afhankelijkheid zwaar voelen. Samen met de gemeente Leiden werken we aan een andere aanpak door middel van het traject: Samenredzaamheid in mobiliteit. Een traject waarin kinderen en hun ouders samen ontdekken wat er wel mogelijk is.

Ravijnjaar 2028: kansen voor gemeenten

Het zogenoemde ravijnjaar is niet verdwenen, maar wel verschoven. Waar gemeenten zich lange tijd voorbereidden op een forse financiële terugval in 2026 door een verlaging van de financiële bijdragen vanuit het Rijk, is die scherpe daling in de praktijk doorgeschoven richting 2028.

Zeven mythen in het leerlingenvervoer anno 2026

Een jaar na ons oorspronkelijke blogbericht over de zeven mythen rondom leerlingenvervoer zijn de problemen in het leerlingenvervoer nog altijd even actueel. Recent besteedde EenVandaag opnieuw aandacht aan het onderwerp, waarbij de Kinderombudsman het nieuwe kabinet opriep om dringend actie te ondernemen. Jaar in jaar uit melden ouders problemen zoals te late bussen, vechtpartijen en stress bij kinderen in het speciaal onderwijs. Om dieper door te dringen tot de werkelijke knelpunten is het tijd om de mythen rondom leerlingenvervoer wederom door te prikken.

Samenredzaamheid in mobiliteit: kansen voor scholen en gemeenten

De druk op mobiliteit binnen het Sociaal Domein neemt toe. Tegelijk groeit de behoefte aan oplossingen die betaalbaar, flexibel én mensgericht zijn. Samenredzaamheid in mobiliteit biedt kansen voor scholen, gemeenten en gezinnen om vervoer anders te organiseren: met meer regie voor inwoners en minder afhankelijkheid van formele systemen. In dit blog laten we zien wat samenredzaamheid inhoudt en hoe dit in de praktijk werkt.

Samenredzaamheid in mobiliteit bij gemeente Leiden: stap voor stap naar zelfstandigheid

Dagelijks vertrouwen honderden kinderen binnen de gemeente Leiden op leerlingenvervoer om op school te komen. Fijn voor ouders en kinderen dat zij hier gebruik van kunnen maken, maar het brengt ook stress met zich mee. Strakke planningen, lange ritten en weinig eigen regie. Voor ouders en kinderen kan die afhankelijkheid zwaar voelen. Samen met de gemeente Leiden werken we aan een andere aanpak door middel van het traject: Samenredzaamheid in mobiliteit. Een traject waarin kinderen en hun ouders samen ontdekken wat er wel mogelijk is.

Ravijnjaar 2028: kansen voor gemeenten

Het zogenoemde ravijnjaar is niet verdwenen, maar wel verschoven. Waar gemeenten zich lange tijd voorbereidden op een forse financiële terugval in 2026 door een verlaging van de financiële bijdragen vanuit het Rijk, is die scherpe daling in de praktijk doorgeschoven richting 2028.