Onze wereld als er weer vervoerd mag worden

Redactie Forseti

Onze wereld als er weer vervoerd mag worden

VOOR INCLUSIE EN

ZELFREDZAAMHEID

Redactie Forseti

Anticiperen op nieuwe ontwikkelingen

Niels: “Wat er ook gebeurt, we blijven adviseurs. En iedere keer als er nieuwe vraagstukken bij een opdrachtgever ontstaan, dan worden wij ingeschakeld. Dat verandert niet.

Daarnaast beheren wij het contract, om ervoor te zorgen dat het doorontwikkelt. Daar vraagt de huidige situatie ook om, om te blijven aanpassen. Wij zullen moeten gaan nadenken over hoe opdrachtgevers met deze situatie om kunnen gaan. Nu en in de toekomst. Zodat ze kunnen anticiperen. 

In de gesprekken die ik voer met gemeenten merk ik dat zij op dit moment meer capaciteit hebben om werkzaamheden op te pakken. Er zijn nu eenmaal veel werkzaamheden stil komen te liggen daar, waardoor meer ruimte lijkt te ontstaan bij mensen. Aan ons de taak om gemeenten met extra capaciteit te adviseren om deze verstandig in te zetten. Normaal gesproken blijven er namelijk zaken liggen, omdat er geen capaciteit voor is. Het opstarten van ov-projecten bijvoorbeeld. Laten we die uitdagingen dan samen oppakken.”

Nu samen nadenken over mogelijke scenario’s

Ronald: “Het is zeer waarschijnlijk dat we onder maatregelen blijven. Ook op het moment dat één en ander weer opgestart kan worden. Er wordt gesproken over een anderhalve meter samenleving en dat heeft voor vervoer natuurlijk wel wat voeten in aarde. 

Waar je normaal gesproken vijf tot zes leerlingen in een busje naar school brengt, zou dat dan feitelijk niet kunnen, tenzij er een uitzondering gemaakt wordt voor vervoer. Hetzelfde geldt voor Wmo-vervoer waar veel taxi’s ingezet worden. Taxi’s zijn eigenlijk gewoon personenauto’s en ook daar kun je de afstand niet bewaren zonder aanpassingen aan het voertuig. Een scherm tussen de voor en achterkant van het voertuig bijvoorbeeld. Maar hoe ga je dat dan organiseren? En hoe wordt dat gefinancierd? 

Er vallen nu chauffeurs weg, omdat vervoersbedrijven ook moeten ingrijpen. Dat zorgt voor een extra uitdaging. De kans bestaat dat we meer klanten apart moeten vervoeren. Dan zijn er meer voertuigen nodig en dus ook meer chauffeurs. Waar halen we die vandaan?

Er is nog teveel onduidelijk om precies te kunnen zeggen hoe onze wereld er uit komt te zien. Daarom is het belangrijk om nu met elkaar na te denken over alle mogelijke scenario’s en de bijbehorende consequenties. En hoe kunnen we daarmee omgaan? Hoe zien opdrachtgevers dat? Hoe zien vervoerders dat? En hoe brengen wij dat bij mekaar? Die rol ligt er voor ons.”

Er moet straks wel een contract liggen

Joanita: “Een aantal aanbestedingen lopen nu gewoon door, ook nu iedereen thuis zit. Vervoerders vragen om de aanbestedingen te stoppen, omdat ze er nu niet fatsoenlijk op kunnen reageren.

We hebben vooralsnog besloten om deze trajecten door te laten lopen, want niemand weet hoe lang dit gaat duren. Maar er moet straks bij de start van het nieuwe schooljaar wel een contract liggen. Of voor eind augustus als het gaat om Wmo-vervoer. Daar moeten we ons wel op voorbereiden. 

Het zal straks wel consequenties hebben voor de implementaties. Zoals Niels en Ronald al aangaven moeten we rekening houden met alle mogelijke scenario’s.

Carlo: “Dat wordt nog een mooie puzzel inderdaad. Het kan namelijk zomaar zijn dat een vervoerder zich ingeschreven heeft op een aanbesteding met zero-emissie voertuigen. Om vervolgens in mei of juni te horen dat zijn financiering om de voertuigen aan te schaffen afgekeurd wordt door de coronacrisis.

Daar moeten we dan samen met vervoerder en opdrachtgever goed naar kijken. Wellicht kan de vervoerder tijdelijk met andere voertuigen rijden. Dat zijn vraagstukken waar we straks samen voor komen te staan.”

Niet alleen wij veranderen, onze opdrachtgevers ook

Carlo: “We starten dadelijk in een situatie waarin niet alleen het vervoer is veranderd, maar waarschijnlijk ook het onderwijs. En de zorgcentra. Heel praktisch, waar normaal gesproken twaalf mensen bij elkaar kunnen zitten, is dat straks misschien nog maar de helft om anderhalve meter afstand te kunnen houden.

De afgelopen weken hebben wij geleerd dat veel van onze afspraken ook prima op afstand plaats kunnen vinden. Ook onze opdrachtgevers leren van de situatie en passen zich hierop aan. Dagbesteding wordt nu bijvoorbeeld gedwongen op locatie georganiseerd. Zij ervaren nu ook dat het anders kan. En als dat zo blijft na de crisis betekent dat ook dat we het vervoer moeten aanpassen. Aanpassing op aanpassing. Dat gaat nog wel bijzonder worden.”

Dit is het derde en laatste deel uit deze serie ‘Wat merken wij van de coronacrisis’. Lees ook over de impact op onze werkdagen en onze dienstverlening.

Wil je meer weten?

Wij informeren je graag.  

Bekijk ook

Maak kennis met collega Inge Gabriëls

“Achter de cijfers zit een wereld die veel groter is dan ik had verwacht”

Sinds 1 maart versterkt Inge Gabriëls het team van Forseti als medewerker contractbeheer. In deze rol ondersteunt zij de contractmanagers en data-analist Maartje bij verschillende werkzaamheden rondom contractbeheer, rapportages en data-analyse.
Hoewel Inge dagelijks bezig is met doelgroepenvervoer, was deze wereld voor haar voordat ze bij Forseti startte nog onbekend terrein.

“Voordat ik bij Forseti kwam, had ik eigenlijk nog nooit echt stilgestaan bij deze wereld. Inmiddels ontdek ik hoe groot en complex het is. Er komt veel meer bij kijken dan ik vooraf had gedacht.”

Cliëntenvervoer verandert: waarom de oplossingen van gisteren niet meer volstaan

Cliëntenvervoer staat voor een nieuwe fase. Waar het voorheen vooral ging om zo efficiënt mogelijk ritten uitvoeren, draait het vandaag de dag om een veel bredere vraag. Hoe zorgen we ervoor dat inwoners ook in de toekomst toegang houden tot zorg, dagbesteding en kunnen blijven deelnemen aan de maatschappij.

Samenredzaam leerlingenvervoer: van handicap naar partnerschap

Binnen veel gemeenten groeit het besef dat leerlingenvervoer meer moet zijn dan alleen het organiseren van taxi’s. Het raakt aan zelfredzaamheid, ouderbetrokkenheid, inclusie en de ontwikkeling van kinderen. Tegelijk staat het vervoer zoals we het al jaren organiseren dagelijks onder druk.

Bij Forseti geloven we dat het anders kan. Niet door simpelweg te bezuinigen, maar samenredzaam te werk te gaan. Door leerlingenvervoer opnieuw te ontwerpen als een gezamenlijke verantwoordelijkheid van gemeente, ouders, scholen en netwerk. Een aanpak waarin ondersteuning centraal staat in plaats van alleen de voorziening.

In en met de gemeente Oude IJsselstreek hebben we in 2024 en 2025 laten zien hoe zo’n beweging eruit kan zien. In dit artikel schetsen we hoe dat ging en hoe je nog een paar stappen verder kunt komen.

Aanbesteden doelgroepenvervoer in 2027 of 2028? Start nu!

Gemeenten stellen het aanbesteden van doelgroepenvervoer regelmatig uit. Begrijpelijk, want de druk op capaciteit is hoog en er spelen veel andere prioriteiten. Toch is er een moment waarop uitstel niet meer onschuldig is, maar direct risico’s oplevert voor de continuïteit en kwaliteit van het vervoer. Dat moment ligt vaak eerder dan wordt gedacht.

Loopt het contract voor leerlingenvervoer of Wmo-vervoer af in 2027 of 2028? Dan is het antwoord simpel: start nu met de aanbesteding ervan.

Maak kennis met collega Inge Gabriëls

“Achter de cijfers zit een wereld die veel groter is dan ik had verwacht”

Sinds 1 maart versterkt Inge Gabriëls het team van Forseti als medewerker contractbeheer. In deze rol ondersteunt zij de contractmanagers en data-analist Maartje bij verschillende werkzaamheden rondom contractbeheer, rapportages en data-analyse.
Hoewel Inge dagelijks bezig is met doelgroepenvervoer, was deze wereld voor haar voordat ze bij Forseti startte nog onbekend terrein.

“Voordat ik bij Forseti kwam, had ik eigenlijk nog nooit echt stilgestaan bij deze wereld. Inmiddels ontdek ik hoe groot en complex het is. Er komt veel meer bij kijken dan ik vooraf had gedacht.”

Cliëntenvervoer verandert: waarom de oplossingen van gisteren niet meer volstaan

Cliëntenvervoer staat voor een nieuwe fase. Waar het voorheen vooral ging om zo efficiënt mogelijk ritten uitvoeren, draait het vandaag de dag om een veel bredere vraag. Hoe zorgen we ervoor dat inwoners ook in de toekomst toegang houden tot zorg, dagbesteding en kunnen blijven deelnemen aan de maatschappij.