Ravijnjaar 2028: kansen voor gemeenten

Redactie Forseti

Ravijnjaar 2028: kansen voor gemeenten

VOOR INCLUSIE EN

ZELFREDZAAMHEID

Redactie Forseti

Verschuiving ravijnjaar biedt kansen om vooruit te kijken

Het zogenoemde ravijnjaar is niet verdwenen, maar wel verschoven. Waar gemeenten zich lange tijd voorbereidden op een forse financiële terugval in 2026 door een verlaging van de financiële bijdragen vanuit het Rijk, is die scherpe daling in de praktijk doorgeschoven richting 2028.

Dat betekent niet dat de financiële druk weg is. Wel betekent het dat gemeenten meer tijd hebben om gericht en doordacht maatregelen te nemen, in plaats van onder hoge tijdsdruk te moeten bezuinigen. En juist die extra tijd biedt kansen.

In plaats van ad hoc ingrepen of snelle versoberingen van voorzieningen, kunnen gemeenten nu investeren in structurele verbeteringen. Bijvoorbeeld binnen het doelgroepenvervoer en het leerlingenvervoer domeinen waar de uitgaven al jaren stijgen en waar slimme keuzes op termijn echt verschil kunnen maken.

Samenredzaamheid in het leerlingenvervoer: kansrijk, maar geen quick win

Samenredzaamheid wordt vaak genoemd als oplossing binnen het doelgroepenvervoer. Het uitgangspunt hierin is dat ouders en leerlingen meer verantwoordelijkheid nemen, waardoor de druk op taxivervoer afneemt.

Maar wat betekent samenredzaamheid concreet?

Samenredzaamheid draait om gedeelde verantwoordelijkheid en zelfstandigheid. In plaats van volledig te vertrouwen op taxivervoer, wordt gekeken naar wat ouders en leerlingen zelf kunnen bijdragen. Denk aan:

  • Zelf kinderen naar school brengen – bijvoorbeeld een of twee dagen per week
  • Gebruikmaken van opstapplaatsen – waardoor taxibusjes efficiënter kunnen rijden
  • Carpoolen – ouders die onderling ritten afstemmen
  • Stap voor stap wennen aan het OV – voor leerlingen die dit aankunnen

Gemeenten zoals Doesburg en Diemen laten zien dat wanneer het gesprek echt wordt gevoerd, er veel gezinnen zijn waar niet vijf dagen per week taxivervoer nodig is. Bovendien zorgt het gesprek zelf al voor bewustwording bij ouders.

Tegelijkertijd is het te kort door de bocht om samenredzaamheid te zien als directe besparingsmaatregel.

Waarom samenredzaamheid geen snelle besparing oplevert

Hoewel de voordelen duidelijk zijn, is samenredzaamheid geen wondermiddel dat binnen de 2 komende begrotingsjaren grote kostenbesparingen oplevert.

  • De taxi blijft rijden
    Als één kind één dag per week door ouders wordt gebracht, ontstaat er een lege stoel. Maar meestal blijft het busje gewoon rijden en dat tegen vrijwel dezelfde kosten.
  • De kracht zit in combinaties
    Echte besparing ontstaat pas wanneer meerdere ouders op dezelfde dagen zelf rijden of carpoolen. Dan kan een rit daadwerkelijk vervallen.
  • Gedragsverandering kost tijd
    Ouders en leerlingen moeten wennen aan een nieuwe manier van denken en organiseren. Vertrouwen opbouwen, zoals bijvoorbeeld bij carpoolen, vraagt begeleiding en zorgvuldigheid.
  • Gesprekken voer je niet in één keer
    Gemeenten moeten beleid herijken, aanvraagprocedures aanpassen en structureel het gesprek aangaan met ouders en scholen. Dat vraagt voorbereiding en investering.
  • Niet elke situatie leent zich ervoor
    Sommige gezinnen hebben te maken met medische problematiek, complexe thuissituaties of onregelmatige werktijden. Daar is eigen inzet simpelweg niet realistisch.
  • Juist nu ligt er een strategische kans
    Doordat de grootste financiële klap voor gemeenten is doorgeschoven naar 2028, hebben gemeenten nu de ruimte om:
    • Beleidsmatig te herijken in plaats van te versoberen
    • Samenredzaamheid zorgvuldig in te voeren
    • Pilots te draaien en te leren wat werkt
    • Gedragsverandering geleidelijk op te bouwen
    • Structurele besparingen te realiseren vóór 2028

Met andere woorden: samenredzaamheid is geen oplossing om een begrotingsgat van morgen te dichten, maar wél een strategie om over twee tot drie jaar structureel sterker te staan.

Gemeenten die nu starten, kunnen in 2028 daadwerkelijk verschil zien.

Wat kunnen gemeenten nú concreet doen?

  1. Bewustwording creëren
    Voer structureel het gesprek met ouders, scholen en intern begeleiders over mogelijkheden en verwachtingen.
  2. Spelregels herijken
    Bepaal hoe het aanvraagproces eruitziet, welke criteria gelden en hoe eigen mogelijkheden worden meegewogen.
  3. Pilotprojecten starten
    Klein beginnen, intensief begeleiden en leren van praktijkervaringen.
  4. Realistische verwachtingen hanteren
    Samenredzaamheid vraagt tijd. Het is een investering in structurele houdbaarheid.

Het laaghangend fruit: maatregelen met sneller effect

Naast langetermijnmaatregelen zijn er ook interventies die binnen bestaande kaders relatief snel resultaat kunnen opleveren:

  • Actiever contractbeheer en scherpe factuurcontrole
  • Last-mile-oplossingen (bijvoorbeeld vervoer vanaf station naar school)
  • Enkele minuten extra toezicht op het schoolplein, zodat efficiënter gecombineerd kan worden
  • Touringcars inzetten bij drukbezochte scholen
  • OV-reistijden zelf kritisch beoordelen in plaats van blind vertrouwen op planners
  • Eigen bijdrage bij vervoer naar SBO-scholen waar passend
  • Werktijden van beide ouders betrekken in de beoordeling
  • Strenger toetsen op “kan vanwege beperking niet met ov”

 

In veel gemeenten is jarenlang weinig gestuurd op beïnvloedbare kosten binnen het leerlingenvervoer. Daardoor is er vaak nog ruimte om binnen bestaande contracten en beleidskaders verbetering te realiseren.

Investeren voor het nieuwe ravijnjaar in 2028

Het ravijnjaar is niet verdwenen, maar uitgesteld. En juist dat uitstel biedt ruimte om verstandige keuzes te maken. Gemeenten die nu investeren in gedragsverandering, beleidsaanscherping en slimme organisatie, bouwen aan een toekomstbestendig systeem van doelgroepenvervoer. Niet gedreven door acute paniek, maar door strategische voorbereiding.

Bij Forseti denken wij graag mee vanuit de specifieke situatie van de gemeente zelf. Onze ervaringen bij tal van gemeenten door heel Nederland, zorgen ervoor dat wij onze ervaringen bij vergelijkbare gemeenten mee kunnen nemen in onze rol. Meer weten over hoe samenredzaamheid in jouw gemeente doelgericht kan worden vormgegeven? Neem contact op met Forseti en ontdek wat er vandaag al mogelijk is.

Wil je meer weten?

Wij informeren je graag.  

Bekijk ook

Leerlingenvervoer: bijna 40 jaar decentralisatie

Gemeenten zijn al sinds 1987 verantwoordelijk voor het leerlingenvervoer. Ze bepalen niet alleen hoe het vervoer wordt georganiseerd en gefinancierd, maar krijgen ook ruimte om zelf te bepalen wanneer ouders aanspraak kunnen maken op ondersteuning.

Maak kennis met collega Nienke Verploeg

Achter goed georganiseerd leerlingenvervoer staat een team van betrokken specialisten. Eén van hen is Nienke. Als Frontofficemedewerker bij Forseti heeft zij dagelijks contact met ouders en speelt zij een belangrijke rol in het goed laten verlopen van het vervoer.

“Als frontofficemedewerker merk ik direct wat ons werk betekent voor de ouders en kinderen die afhankelijk zijn van leerlingenvervoer.”

Maak kennis met collega Inge Gabriëls

“Achter de cijfers zit een wereld die veel groter is dan ik had verwacht”

Sinds 1 maart versterkt Inge Gabriëls het team van Forseti als medewerker contractbeheer. In deze rol ondersteunt zij de contractmanagers en data-analist Maartje bij verschillende werkzaamheden rondom contractbeheer, rapportages en data-analyse.
Hoewel Inge dagelijks bezig is met doelgroepenvervoer, was deze wereld voor haar voordat ze bij Forseti startte nog onbekend terrein.

“Voordat ik bij Forseti kwam, had ik eigenlijk nog nooit echt stilgestaan bij deze wereld. Inmiddels ontdek ik hoe groot en complex het is. Er komt veel meer bij kijken dan ik vooraf had gedacht.”

Cliëntenvervoer verandert: waarom de oplossingen van gisteren niet meer volstaan

Cliëntenvervoer staat voor een nieuwe fase. Waar het voorheen vooral ging om zo efficiënt mogelijk ritten uitvoeren, draait het vandaag de dag om een veel bredere vraag. Hoe zorgen we ervoor dat inwoners ook in de toekomst toegang houden tot zorg, dagbesteding en kunnen blijven deelnemen aan de maatschappij.

Leerlingenvervoer: bijna 40 jaar decentralisatie

Gemeenten zijn al sinds 1987 verantwoordelijk voor het leerlingenvervoer. Ze bepalen niet alleen hoe het vervoer wordt georganiseerd en gefinancierd, maar krijgen ook ruimte om zelf te bepalen wanneer ouders aanspraak kunnen maken op ondersteuning.

Maak kennis met collega Nienke Verploeg

Achter goed georganiseerd leerlingenvervoer staat een team van betrokken specialisten. Eén van hen is Nienke. Als Frontofficemedewerker bij Forseti heeft zij dagelijks contact met ouders en speelt zij een belangrijke rol in het goed laten verlopen van het vervoer.

“Als frontofficemedewerker merk ik direct wat ons werk betekent voor de ouders en kinderen die afhankelijk zijn van leerlingenvervoer.”