Hoe vraagafhankelijk vervoer goed te organiseren in samenhang met ov

Redactie Forseti

Hoe vraagafhankelijk vervoer goed te organiseren in samenhang met ov

VOOR INCLUSIE EN

ZELFREDZAAMHEID

Redactie Forseti

Uit de bestaande literatuur komen een aantal aspecten naar voren die een belangrijke rol spelen in het samenspel tussen vraagafhankelijk en lijngebonden openbaar vervoer.

Bij een dergelijke integratie zijn de volgende aspecten van belang:

  1. De functie van het vraagafhankelijk openbaar vervoer ten opzichte van het openbaar vervoersysteem
  2. Informatievoorziening
  3. Tarieven
  4. Tickets
  5. Marketing en merkidentiteit
  6. Samenwerking met andere vervoersdiensten
  7. ICT en datastandaardisatie

Voor dit onderzoek zijn twee Nederlandse (AML Flex, Zoov), één Amerikaanse (FlexRide) en een systeem uit Denemarken (Flextrafik) bestudeerd en vergeleken op basis van de bovengenoemde aspecten. Door deze vergelijking werden de belangrijkste best practices en valkuilen per aspect geïdentificeerd. Deze lees je hier in het scriptieverslag.

Meer efficiëntie door bundeling

In het onderzoek wordt, mede op basis van de casestudies ook een organisatiestructuur aanbevolen. In deze structuur worden in de eerste plaats verschillende soorten vraagafhankelijk vervoerssystemen gebundeld tot één vraagafhankelijkevervoer-organisatie, “Integrated DRT” genaamd, dat zowel door het grote publiek als door de doelgroepen kan worden gebruikt. Door deze bundeling kunnen door schaalvoordelen efficiëntievoordelen worden bereikt.

Bij een echte samenwerking gaan alle middelen in één centrale “pot”, waaruit alle verschillende vervoersdiensten worden gefinancierd. De gedachte hierachter is dat het combineren van financiële middelen zal leiden tot een meer geïntegreerde aanpak van de verschillende vervoerssystemen. Om een dergelijke “pot” te laten functioneren is het van belang dat er een duidelijk model komt voor de toewijzing van de kosten en de verdeling van de inkomsten, dat transparant is en bij voorkeur geautomatiseerd wordt vanwege de aanwezigheid van verschillende belanghebbenden.

Het mobiliteitsbureau

De volgende stap is de integratie van het gebundelde vraagafhankelijk openbaar vervoer met het systeem van openbaar vervoer op basis van een dienstregeling. Daartoe wordt aanbevolen beide systemen te organiseren door één bestuursorgaan te vormen dat zowel de gemeenten als de provincie vertegenwoordigt, het “Mobiliteitsbureau”.

Dit mobiliteitsbureau zal worden bestuurd door de vertegenwoordigers van de gemeenten en de ov-vervoerautoriteit. Deze laatste zal zich meer richten op het netwerk van lijngebonden openbaar vervoer, dat fungeert als de ruggengraat van het openbaar vervoer in de concessie. De samenwerkende gemeenten zullen zich richten op het geïntegreerde vraagafhankelijk openbaar vervoer op lokaal niveau. Zowel de reizigers van het openbaar vervoer als die van het doelgroepenvervoer kunnen hier gebruik van maken. Het mobiliteitsbureau is verantwoordelijk voor het beheer van beide systemen.

Een mobiliteitsbureau neemt de beleidsmatige grens tussen de verschillende systemen weg. Door expertise en beleid bij één organisatie onder te brengen, wordt afstemming van het mobiliteitsbeleid op strategisch, tactisch en operationeel niveau mogelijk tussen de verschillende vervoerssystemen.

Aangezien het mobiliteitsbureau als enige verantwoordelijk zal zijn voor het gehele openbaar vervoersysteem van de regio, kan het dus aandringen op zowel integratie van informatie, tarieven, vervoerbewijzen, merkidentiteit, als standaardisatie van gegevens, door minimumeisen hiervoor in de contracten op te nemen.

Hoe vraagafhankelijk vervoer goed te organiseren in samenhang met ov

De keerzijde

De schaal waarop dit organisatiemodel kan functioneren vraagt compromissen. De afweging zal bestaan tussen de mogelijkheid om schaalvoordelen te behalen op een hogere schaal (bijvoorbeeld op provinciale schaal) en de toename van de complexiteit bij het tot stand brengen van samenwerking tussen meer actoren.

De kostenefficiëntie zou toe kunnen nemen met een toename van het aantal gemeenten. Het kwaliteitsniveau kan hoger zijn, door de gecombineerde kennis van de extra mensen expertise en ontwikkelkracht die zich samenbundelt in het mobiliteitsbureau. Dit voordeel blijft bestaan totdat de omvang van de organisatie een omslagpunt bereikt waarop geen verdere schaalvergroting meer mogelijk is, maar er schaalnadelen beginnen te ontstaan zoals controle- en beheersproblemen, trage besluitvorming als gevolg van bureaucratische inertie.

Een ander probleem bij schaalvergroting is communicatie. Het zal van cruciaal belang zijn dat de gemeenten en de vervoersautoriteiten een goede relatie met elkaar onderhouden, wat de onderlinge samenwerking kan vergemakkelijken.

Stap voor stap

Een dergelijke organisatie begin je niet zomaar. Het op elkaar afstemmen van alle contracten met de verschillende exploitanten, inclusief het openbaar vervoer, kan een uitdaging zijn, omdat er sprake is van meerdere contracten met een verschillende looptijd. Een aanbeveling is om klein te beginnen met pilots, eerst met een paar gemeenten (bijvoorbeeld de “koplopers”) en dan geleidelijk uit te breiden met andere gemeenten en uiteindelijk ook nauwe samenwerking op te zoeken met het lijngebonden openbaar vervoer.

Lees hier het hele onderzoek van Raunaq.

Wil je meer weten?

Wij informeren je graag.  

Bekijk ook

Contract doelgroepenvervoer 2027 of 2028? Dit is het moment om te starten!

Gemeenten stellen het aanbesteden van doelgroepenvervoer regelmatig uit. Begrijpelijk, want de druk op capaciteit is hoog en er spelen veel andere prioriteiten. Toch is er een moment waarop uitstel niet meer onschuldig is, maar direct risico’s oplevert voor de continuïteit en kwaliteit van het vervoer. Dat moment ligt vaak eerder dan wordt gedacht.

Loopt het contract voor leerlingenvervoer of Wmo-vervoer af in 2027 of 2028? Dan is het antwoord simpel: start nu met de aanbesteding ervan.

Samenredzaamheid in mobiliteit bij gemeente Leiden: stap voor stap naar zelfstandigheid

Dagelijks vertrouwen honderden kinderen binnen de gemeente Leiden op leerlingenvervoer om op school te komen. Fijn voor ouders en kinderen dat zij hier gebruik van kunnen maken, maar het brengt ook stress met zich mee. Strakke planningen, lange ritten en weinig eigen regie. Voor ouders en kinderen kan die afhankelijkheid zwaar voelen. Samen met de gemeente Leiden werken we aan een andere aanpak door middel van het traject: Samenredzaamheid in mobiliteit. Een traject waarin kinderen en hun ouders samen ontdekken wat er wel mogelijk is.

Ravijnjaar 2028: kansen voor gemeenten

Het zogenoemde ravijnjaar is niet verdwenen, maar wel verschoven. Waar gemeenten zich lange tijd voorbereidden op een forse financiële terugval in 2026 door een verlaging van de financiële bijdragen vanuit het Rijk, is die scherpe daling in de praktijk doorgeschoven richting 2028.

Zeven mythen in het leerlingenvervoer anno 2026

Een jaar na ons oorspronkelijke blogbericht over de zeven mythen rondom leerlingenvervoer zijn de problemen in het leerlingenvervoer nog altijd even actueel. Recent besteedde EenVandaag opnieuw aandacht aan het onderwerp, waarbij de Kinderombudsman het nieuwe kabinet opriep om dringend actie te ondernemen. Jaar in jaar uit melden ouders problemen zoals te late bussen, vechtpartijen en stress bij kinderen in het speciaal onderwijs. Om dieper door te dringen tot de werkelijke knelpunten is het tijd om de mythen rondom leerlingenvervoer wederom door te prikken.

Contract doelgroepenvervoer 2027 of 2028? Dit is het moment om te starten!

Gemeenten stellen het aanbesteden van doelgroepenvervoer regelmatig uit. Begrijpelijk, want de druk op capaciteit is hoog en er spelen veel andere prioriteiten. Toch is er een moment waarop uitstel niet meer onschuldig is, maar direct risico’s oplevert voor de continuïteit en kwaliteit van het vervoer. Dat moment ligt vaak eerder dan wordt gedacht.

Loopt het contract voor leerlingenvervoer of Wmo-vervoer af in 2027 of 2028? Dan is het antwoord simpel: start nu met de aanbesteding ervan.

Samenredzaamheid in mobiliteit bij gemeente Leiden: stap voor stap naar zelfstandigheid

Dagelijks vertrouwen honderden kinderen binnen de gemeente Leiden op leerlingenvervoer om op school te komen. Fijn voor ouders en kinderen dat zij hier gebruik van kunnen maken, maar het brengt ook stress met zich mee. Strakke planningen, lange ritten en weinig eigen regie. Voor ouders en kinderen kan die afhankelijkheid zwaar voelen. Samen met de gemeente Leiden werken we aan een andere aanpak door middel van het traject: Samenredzaamheid in mobiliteit. Een traject waarin kinderen en hun ouders samen ontdekken wat er wel mogelijk is.