Openbaar vervoer onder de loep: Waarin verschillen Denemarken en Nederland?

Redactie Forseti

Openbaar vervoer onder de loep: Waarin verschillen Denemarken en Nederland?

VOOR INCLUSIE EN

ZELFREDZAAMHEID

Redactie Forseti

Lynn Visser studeert Bestuurskunde & Overheidsmanagement in Den Bosch. Begin dit jaar startte haar afstudeerstage bij Forseti met het doel om de wereld van mobiliteit beter te leren kennen.

Helemaal nieuw is ze niet met het onderwerp mobiliteit. Naast haar studie werkt ze namelijk op de regiecentrale van innovatieve dienstverlener in de mobiliteit, Qarin, waar ze zich bezighoudt met allerlei projecten die gericht zijn op het verbeteren van mobiliteit. Haar werkzaamheden hebben betrekking tot het monitoren en bijsturen van processen voor de uitvoering van onder andere haltetaxiRRReis en NS Reisassistentie.

Alles leren

“Ik wilde graag afstuderen op het gebied van mobiliteit,” zegt Lynn. “Eerst heb ik zelf onderzoek gedaan naar wat er mogelijk was met mijn studie. Via mijn bijbaan bij Qarin kwam ik in contact met Daan en Harald van Forseti. Zo is het balletje uiteindelijk gaan rollen. Samen met Daan heb ik een opdracht geformuleerd voor mijn afstuderen hier.

Mobiliteit is een enorm breed begrip, dat heb ik de afgelopen maanden wel geleerd. Bij Forseti gaat het over doelgroepenvervoer, leerlingenvervoer, openbaar vervoer, noemt maar op. Het is ontzettend veel, maar ik wil alles leren.”

Hoe is het ov organisatorisch geregeld?

Nederland en Denemarken organiseren het openbaar vervoer op een net wat andere manier. Interessant is met name hoe men verschillend omgaat met de onrendabele lijnen en het sociale aspect van bereikbaarheid. Een thema dat ontzettend actueel is in Nederland. Het hoofddoel van mijn onderzoek is de verschillen te achterhalen. En wat zeggen die verschillen? Zorgen ze voor andere afwegingskaders?

In Denemarken lijkt het erop dat de scheiding tussen ov en doelgroepenvervoer minder hard is dan in Nederland. Gemeenten hebben in Denemarken vaak nog apart zeggenschap over lokale lijnen en hebben daar eigen budget voor. Daarnaast gaan ze net als in Nederland over het doelgroepenvervoer. Worden er andere afwegingen gemaakt door deze andere manier van organiseren? Daar wil ik achter komen.”

Waar staan we nu?

Momenteel is Lynn nog volop bezig met haar onderzoek. Ze heeft recent een plan van aanpak ingeleverd. Ondertussen gaat ze verder met de deelvragen en hoopt ze heel hard dat het mogelijk is om naar Denemarken te gaan om het openbaar vervoer daar in de praktijk te ervaren. Lynn: “Dat zou het onderzoek natuurlijk alleen maar ten goede komen. De contacten zijn al goed vanwege de studiereis die Forseti vorig jaar organiseerde. De Denen komen dit jaar ook naar Nederland en dan wil ik mijn onderzoek ook aan hen presenteren. Begin juni dit jaar moet het onderzoek klaar zijn.”

Wil je meer weten?

Wij informeren je graag.  

Bekijk ook

Ravijnjaar 2028: kansen voor gemeenten

Het zogenoemde ravijnjaar is niet verdwenen, maar wel verschoven. Waar gemeenten zich lange tijd voorbereidden op een forse financiële terugval in 2026 door een verlaging van de financiële bijdragen vanuit het Rijk, is die scherpe daling in de praktijk doorgeschoven richting 2028.

Zeven mythen in het leerlingenvervoer anno 2026

Een jaar na ons oorspronkelijke blogbericht over de zeven mythen rondom leerlingenvervoer zijn de problemen in het leerlingenvervoer nog altijd even actueel. Recent besteedde EenVandaag opnieuw aandacht aan het onderwerp, waarbij de Kinderombudsman het nieuwe kabinet opriep om dringend actie te ondernemen. Jaar in jaar uit melden ouders problemen zoals te late bussen, vechtpartijen en stress bij kinderen in het speciaal onderwijs. Om dieper door te dringen tot de werkelijke knelpunten is het tijd om de mythen rondom leerlingenvervoer wederom door te prikken.

Samenredzaamheid in mobiliteit: kansen voor scholen en gemeenten

De druk op mobiliteit binnen het Sociaal Domein neemt toe. Tegelijk groeit de behoefte aan oplossingen die betaalbaar, flexibel én mensgericht zijn. Samenredzaamheid in mobiliteit biedt kansen voor scholen, gemeenten en gezinnen om vervoer anders te organiseren: met meer regie voor inwoners en minder afhankelijkheid van formele systemen. In dit blog laten we zien wat samenredzaamheid inhoudt en hoe dit in de praktijk werkt.

Slimme software leerlingenvervoer zorgt voor minder werkdruk voor gemeenten

Voor veel gemeenten is het organiseren van leerlingenvervoer een flinke klus. Het vraagt coördinatie, overzicht en duidelijke afspraken. Precies die zaken die onder druk komen te staan in het aanvraagseizoen (een piekperiode). Het gevolg? Werkdruk en stress bij medewerkers die vaak toch al met beperkte capaciteit werken.

Bij Forseti zien we dat de combinatie van slimmere processen en de juiste software gemeenten helpt om efficiënter leerlingenvervoer te organiseren en werkdruk te verlagen.

 

Ravijnjaar 2028: kansen voor gemeenten

Het zogenoemde ravijnjaar is niet verdwenen, maar wel verschoven. Waar gemeenten zich lange tijd voorbereidden op een forse financiële terugval in 2026 door een verlaging van de financiële bijdragen vanuit het Rijk, is die scherpe daling in de praktijk doorgeschoven richting 2028.

Zeven mythen in het leerlingenvervoer anno 2026

Een jaar na ons oorspronkelijke blogbericht over de zeven mythen rondom leerlingenvervoer zijn de problemen in het leerlingenvervoer nog altijd even actueel. Recent besteedde EenVandaag opnieuw aandacht aan het onderwerp, waarbij de Kinderombudsman het nieuwe kabinet opriep om dringend actie te ondernemen. Jaar in jaar uit melden ouders problemen zoals te late bussen, vechtpartijen en stress bij kinderen in het speciaal onderwijs. Om dieper door te dringen tot de werkelijke knelpunten is het tijd om de mythen rondom leerlingenvervoer wederom door te prikken.