Gemeenten betrekken reizigers bij opstellen beleidsplan ‘Kanteling in mobiliteit’

Redactie Forseti

Gemeenten betrekken reizigers bij opstellen beleidsplan ‘Kanteling in mobiliteit’

VOOR INCLUSIE EN

ZELFREDZAAMHEID

Redactie Forseti

Het project dat leidt tot een beleidsplan kanteling bestaat naast de inhoudelijke uitwerking van het plan voor een belangrijk deel uit een gestructureerde procesmatige aanpak gericht op het inventariseren van vraagpunten en wensen bij diverse stakeholders en het hen informeren over de inhoudelijke keuzes. De reizigers zijn vanzelfsprekend een van deze stakeholders. Omdat het project nog loopt beperken we ons in dit bericht tot de belangrijkste leerpunten rondom het proces van betrekken van reizigers.

In samenspraak met de adviesraden van elke gemeente is er voor gekozen om naast een regionale sessie ook in elke gemeente een bijeenkomst te organiseren. Dat kost extra tijd en inzet maar het levert wel veel meer informatie en kennis op maat op. Deze meerwaarde is gebleken. Zorgpunten kunnen namelijk zeer lokaal zijn. Het aanbod van vervoer, zowel ov als vrijwilligersvervoer, en voorzieningen kunnen per gemeente verschillen. In een regionale sessie komen lokale aandachtspunten veel minder naar voren. In grotere gemeenten is vaak minder vrijwilligersvervoer aanwezig. Kleinere gemeenten hebben na de wisseling van de ov-vervoerder minder openbaar vervoer en de afstand tot scholen en voorzieningen is groter. Dit leidt tot andere vraagpunten. Wij denken dat onderstaande punten kunnen helpen tot een succesvolle bijeenkomst te komen:

Hart luchten

De eerste stap is het bieden van ruimte om het hart te luchten aan het begin van de bijeenkomst. Wil je het over mogelijkheid van anders reizen hebben dan zal je toch echt eerst ruimte moeten inbouwen om aan te geven hoe het vervoer met de taxi nu gaat. Zeker als daar klachten over zijn. Zodra de druk eraf is kunnen mensen beter meedenken en aangeven wat ze belangrijk vinden.

Zorgen over vervoer

Mensen met een beperking of ouders met een kind in het leerlingenvervoer maken zich zorgen over het vervoer en moeten al heel veel zaken regelen waar ‘onbeperkten’ geen omkijken naar hebben. Men schrikt als de bestaande balans verstoord wordt en er verandering aan komt. Het lijkt dat men liever vasthoudt aan het bestaande, ook als men daar niet heel tevreden over is, dan dat men overgaat naar het onbekende zelfs wanneer dit tot verbetering kan leiden. Een filmpje waarin zichtbaar wordt wat het met kinderen doet wanneer ze wel zelf met het ov kunnen reizen helpt het gesprek erg op weg. Steeds meer gemeenten zetten filmpjes van succesverhalen op internet.

Verleiden

Het openbaar vervoer is vaak een grote onbekende waar men wel een mening over heeft, maar waar men niet vaak of nooit gebruik van maakt. De cijfers van de CROW ov-Klantenbarometer met daarin de oordelen van de ov-gebruikers over diverse aspecten zijn een interessant startpunt van het gesprek over openbaar vervoer. Juist de aspecten waar niet reizigers zich zorgen over maken worden door ov-reizigers positief beoordeeld. Meest in het oog-springend daarbij is het oordeel over het gebruiksgemak van de ov-chipkaart. Dat beoordelen mensen veelal met een rapportcijfer van meer dan een 8. Dit terwijl niet-reizigers de ov-chipkaart als een grote drempel zien om met openbaar vervoer te reizen.

Begin op tijd en nodig ruim uit

Wat we telkens weer merken is dat het zaak is bijeenkomsten ruim van tevoren te plannen en breed uit te nodigen. Steeds blijkt dat maar een beperkt deel van de gebruikers van vervoer de tijd, de mogelijkheid en de zin heeft om deel te nemen aan dergelijke sessies. Breder uitnodigingen lijkt beter te werken. Dus niet maar 10 of 15 ouders van de 150 aanschrijven maar wel de helft uitnodigen.

Wilt u meer informatie of het proces of bent u ook geïnteresseerd in een gestructureerd gesprek met uw reizigers? Neem dan contact op met Guy Hermans.

Wil je meer weten?

Wij informeren je graag.  

Bekijk ook

Studiereis Wenen: publieke mobiliteit op zijn Weens

Tijdens de studiereis naar Wenen van Publieke Mobiliteit onderzochten we hoe openbaar vervoer, deelmobiliteit en doelgroepenvervoer op elkaar aansluiten. Vanuit Forseti keken we vooral naar de organisatie achter het vervoer. Ontdek de inzichten.

Leerlingenvervoer: bijna 40 jaar decentralisatie

Gemeenten zijn al sinds 1987 verantwoordelijk voor het leerlingenvervoer. Ze bepalen niet alleen hoe het vervoer wordt georganiseerd en gefinancierd, maar krijgen ook ruimte om zelf te bepalen wanneer ouders aanspraak kunnen maken op ondersteuning.

Maak kennis met collega Nienke Verploeg

Achter goed georganiseerd leerlingenvervoer staat een team van betrokken specialisten. Eén van hen is Nienke. Als Frontofficemedewerker bij Forseti heeft zij dagelijks contact met ouders en speelt zij een belangrijke rol in het goed laten verlopen van het vervoer.

“Als frontofficemedewerker merk ik direct wat ons werk betekent voor de ouders en kinderen die afhankelijk zijn van leerlingenvervoer.”

Maak kennis met collega Inge Gabriëls

“Achter de cijfers zit een wereld die veel groter is dan ik had verwacht”

Sinds 1 maart versterkt Inge Gabriëls het team van Forseti als medewerker contractbeheer. In deze rol ondersteunt zij de contractmanagers en data-analist Maartje bij verschillende werkzaamheden rondom contractbeheer, rapportages en data-analyse.
Hoewel Inge dagelijks bezig is met doelgroepenvervoer, was deze wereld voor haar voordat ze bij Forseti startte nog onbekend terrein.

“Voordat ik bij Forseti kwam, had ik eigenlijk nog nooit echt stilgestaan bij deze wereld. Inmiddels ontdek ik hoe groot en complex het is. Er komt veel meer bij kijken dan ik vooraf had gedacht.”

Studiereis Wenen: publieke mobiliteit op zijn Weens

Tijdens de studiereis naar Wenen van Publieke Mobiliteit onderzochten we hoe openbaar vervoer, deelmobiliteit en doelgroepenvervoer op elkaar aansluiten. Vanuit Forseti keken we vooral naar de organisatie achter het vervoer. Ontdek de inzichten.

Leerlingenvervoer: bijna 40 jaar decentralisatie

Gemeenten zijn al sinds 1987 verantwoordelijk voor het leerlingenvervoer. Ze bepalen niet alleen hoe het vervoer wordt georganiseerd en gefinancierd, maar krijgen ook ruimte om zelf te bepalen wanneer ouders aanspraak kunnen maken op ondersteuning.