Sinds begin juli is Ronald Derks coördinator van het mobiliteitsbureau van Jobinder in Noordoost-Fryslân. Hij volgde Paul Maasbommel op, die met pensioen is gegaan. Ronald begon op een belangrijk moment, want op 1 januari 2027 gaan nieuwe vervoerscontracten in.
Jobinder verzorgt het leerlingenvervoer, Jeugdwetvervoer en Wmo-vervoer voor Achtkarspelen, Dantumadiel, Noardeast-Fryslân, Tytsjerksteradiel, Ameland en Schiermonnikoog. Het mobiliteitsbureau houdt zich namens deze gemeenten onder meer bezig met contractmanagement, inkoop en de verdere ontwikkeling van het vervoerssysteem.
Vertrouwd met de regio en het team
Ronald woont sinds 2021 in Dantumadiel en kende Jobinder al voordat hij aan zijn nieuwe opdracht begon. De afgelopen twee jaar was hij betrokken bij de aanbesteding van de regiecentrale en de vervoerscapaciteit. Daardoor had hij ook al samengewerkt met Jacob en Tineke, zijn directe collega’s op het mobiliteitsbureau.
“Bij Jobinder was ik geen vreemde. Ik kende Jacob en Tineke al vrij goed, we hadden een klik en ik voelde me direct thuis.”
Ook de manier van samenwerken in de regio spreekt hem aan. “De openheid en toegankelijkheid binnen de gemeenten zijn prettig. De lijnen zijn kort, op alle niveaus. Dat maakt het makkelijker om samen snel te schakelen.”
Voorbereiden op nieuwe vervoerscontracten
De komende maanden staan vooral in het teken van de nieuwe contracten die op 1 januari 2027 ingaan. Het mobiliteitsbureau werkt daarvoor nauw samen met de regiecentrale en de vervoerders. Een belangrijk aandachtspunt is de beschikbaarheid van chauffeurs.
“Ook in het noorden liggen chauffeurs niet voor het oprapen. We houden er rekening mee dat er bij de start problemen kunnen ontstaan. Daarom bereiden we ons goed voor en hebben we maatregelen klaarliggen om daarop te reageren.”
Verder kijken dan 1 januari
Na de start van de nieuwe contracten verschuift de aandacht naar het verder ontwikkelen van Jobinder en het mobiliteitsbureau. Volgens Ronald staat er een stevige organisatie, maar bieden veranderingen in het doelgroepenvervoer ook nieuwe vragen en kansen.
“Ik zie mogelijkheden om met de deelnemende gemeenten verder samen te werken, maar ook om regionaal en provinciaal verbindingen te leggen. Uiteindelijk gaat het erom dat mobiliteit steeds beter bijdraagt aan de leefbaarheid in de regio en de bereikbaarheid van voorzieningen. Daar werken we aan.”