Dynamisch contractbeheer: dit levert het op in euro's

Redactie Forseti

Dynamisch contractbeheer: dit levert het op in euro's

VOOR INCLUSIE EN

ZELFREDZAAMHEID

Redactie Forseti

In afspraken tussen opdrachtgevers en vervoerder zitten vaak onduidelijkheden. Regels zijn op meerdere manieren te interpreteren. Door die regels duidelijker te stellen, voorkom je dat er onnodige kosten gemaakt worden. Maar eerst moet je weten waar de pijnpunten zitten. En die krijg je boven water door inzicht in data.

Carlo geeft vijf voorbeelden van zaken waarop je kunt besparen met dynamisch contractbeheer. En hij laat zien wat het aan besparing oplevert.

Dynamisch contractbeheer draait om keuzes maken op basis van live data. De opdrachtgever is baas van de eigen data en niet langer afhankelijk van wat de vervoerder aanlevert. Hierdoor kan de opdrachtgever dagelijks de uitvraag van het vervoer naast de werkelijke uitvoering van het vervoer leggen. Afwijkingen worden nu direct vastgesteld en niet achteraf op basis van de factuur van de vervoerder

Dit live inzicht levert voordelen op voor kwaliteitsverbeteringen en mogelijkheden tot besparen.

Ik zet er vijf op een rij.

  1. Controle op 5 dagen regeling

    Wanneer een reiziger is afgemeld voor vervoer mag de vervoerder soms (op basis van contractafspraken) nog vijf dagen doorbelasten aan de opdrachtgever. Doordat we inzicht hebben in de vervoersdata, zien we dat soms tot wel tien dagen doorbelast wordt.

    Veelal gebeurt dit onbewust, bijvoorbeeld door een fout in de automatisering.

    Door controle op de 5 dagenregeling hebben we vorig jaar, bij een aantal van onze opdrachtgevers, in totaal €75.000 aan te veel gefactureerde kosten opgespoord.

  2. Controle op combinatieritten

    Als het voor een vervoerder gemakkelijker is om bepaalde ritten van verschillende opdrachtgevers te combineren, dan is daar soms ruimte voor in het contract. Opdrachtgevers stellen daar dan wel iets tegenover, bijvoorbeeld een korting voor die gecombineerde ritten.

    Uit onze controles blijkt dat vervoerders wel combineren, maar die korting niet altijd doorberekenen. Doordat de gecombineerde ritten niet zichtbaar zijn op de factuur, weet de opdrachtgever van niets.

    In de data van de boordcomputer taxi (BCT) zien we dat vervoerders soms meer combineren dan ze laten weten. Hiermee hebben we in 2021 zo’n € 20.000 bespaard.

    Die BCT-data levert een vervoerder niet standaard aan bij de opdrachtgever. Vaak staat wel in het programma van eisen dat die gegevens op te vragen zijn.

  3. Niet juist toepassen van rolstoeltoeslag

    De opstapvergoeding is voor een rolstoelgebruiker hoger dan voor een reguliere reiziger, gemiddeld scheelt het ongeveer €8. Dat verschil komt doordat een rolstoelbus duurder is in gebruik.

    Vervoerders berekenen de toeslag meestal op basis van de inzet van het voertuig. Maar als de toeslag contractueel alleen berekend mag worden op basis van indicatie, kan dat grote financiële gevolgen hebben.
    Daarom controleren we dit. Want als er een reguliere reiziger vervoerd wordt in de rolstoelbus, geldt ook de reguliere opstapvergoeding.

    Door deze controle besparen we maandelijks bij enkele opdrachtgevers €2.000 tot €4.000.

  4. Voor wie is de planning efficiënt?

    Opdrachtgevers vragen efficiënt vervoer van een vervoerder. De vraag is of de planning efficiënt is voor de opdrachtgever of voor de vervoerder. Die laatste heeft namelijk meer opdrachten waarmee werk gecombineerd wordt.

    Een voorbeeld:
    Vier rolstoelers moeten naar dezelfde locatie, dat kan met twee bussen. De vervoerder heeft daarna nog ander werk waarbij zes rolstoele vervoerd moeten worden. Hij verdeelt de eerste vier over drie bussen zodat een taxi niet leeg hoeft te rijden. Maar de opdrachtgever betaalt wel voor die extra taxi.

    Dit soort situaties komen we op het spoor door zelf ook een planning te maken. De punten waar onze planning niet synchroon loopt met die van de vervoerder, kijken we na.

    De planners bij vervoerders weten vaak niet precies wat er in contracten staat. Ze krijgen de opdracht efficiënt te plannen en doen dat inderdaad ook naar eigen inzicht. Maar zoals je kunt begrijpen kijken ze vaak wat het efficiëntst is voor de vervoerder en weten ze niet dat ze klanten daarmee soms financieel benadelen.

    Elke extra route kost een opdrachtgever al snel €15.000 per jaar. Het gaat dus om flinke bedragen.

  5. Systeemfouten na afmelding

    Alle vervoerders werken met een app of website waarin ouders en/of verzorgers hun kind of cliënt kunnen afmelden.

    We zien dat vervoerders hun eigen data ook niet 100% kunnen controleren en dat er dus systeemfouten ontstaan. Hierdoor ontstaan onbewust afwijkingen in de facturatie.

    Zo komt het wel eens voor dat het systeem die reiziger na betermelding op een andere plek in de route terugzet. Dat levert een langere route op, de reiziger heeft daar geen last van want de chauffeur denkt zelf na en rijdt de snelste route. Maar het komt wel fout op de factuur te staan.

    Wij maken visueel duidelijk hoeveel het scheelt als je een andere postcodevolgorde aanhoudt. Dat scheelt misschien tien minuten in de ochtend en tien in de avond, maar op jaarbasis is dat toch al gauw een paar duizend euro.


    Voorbeeld: Een geoptimaliseerde route scheelt 7 minuten, dat is 14 minuten per dag. Bij 200 dagen vervoer komt dat op 2.800 minuten. Uitgaande van een uurtarief van €50 beladen is het verschil per jaar ruim 2.300,-

    Een belangrijke oorzaak voor dit soort onjuistheden is dat het onduidelijk in het contract staat.
    Dan is er nog steeds geen man overboord. Je kunt het als opdrachtgever prima bespreekbaar maken en, mits het contract dit toestaat, aanvullende afspraken maken. Of hier tijdens een nieuwe inkoopronde extra alert op zijn.

Wij gaan namens onze opdrachtgevers vaak dit soort gesprekken aan met vervoerders en kijken hoe we het kunnen oplossen in de komende maanden. We zijn geen schoolmeester, ook wij kennen de uitdagingen waar vervoerders tegen aanlopen. Van hoge brandstofprijzen tot chauffeurstekorten.

Baas worden van je eigen data is essentieel om grip te krijgen op de praktijk en de financiën. Zo weet zorginstelling De Waerden inmiddels precies waar het beter kan. Lees hier hoe we dat proces bij zorginstelling De Waerden implementeerden.

Benieuwd waar het in jouw organisatie beter kan? Ik kijk graag eens met je mee.

Wil je meer weten?

Wij informeren je graag.  

Bekijk ook

Ravijnjaar 2028: kansen voor gemeenten

Het zogenoemde ravijnjaar is niet verdwenen, maar wel verschoven. Waar gemeenten zich lange tijd voorbereidden op een forse financiële terugval in 2026 door een verlaging van de financiële bijdragen vanuit het Rijk, is die scherpe daling in de praktijk doorgeschoven richting 2028.

Zeven mythen in het leerlingenvervoer anno 2026

Een jaar na ons oorspronkelijke blogbericht over de zeven mythen rondom leerlingenvervoer zijn de problemen in het leerlingenvervoer nog altijd even actueel. Recent besteedde EenVandaag opnieuw aandacht aan het onderwerp, waarbij de Kinderombudsman het nieuwe kabinet opriep om dringend actie te ondernemen. Jaar in jaar uit melden ouders problemen zoals te late bussen, vechtpartijen en stress bij kinderen in het speciaal onderwijs. Om dieper door te dringen tot de werkelijke knelpunten is het tijd om de mythen rondom leerlingenvervoer wederom door te prikken.

Samenredzaamheid in mobiliteit: kansen voor scholen en gemeenten

De druk op mobiliteit binnen het Sociaal Domein neemt toe. Tegelijk groeit de behoefte aan oplossingen die betaalbaar, flexibel én mensgericht zijn. Samenredzaamheid in mobiliteit biedt kansen voor scholen, gemeenten en gezinnen om vervoer anders te organiseren: met meer regie voor inwoners en minder afhankelijkheid van formele systemen. In dit blog laten we zien wat samenredzaamheid inhoudt en hoe dit in de praktijk werkt.

Slimme software leerlingenvervoer zorgt voor minder werkdruk voor gemeenten

Voor veel gemeenten is het organiseren van leerlingenvervoer een flinke klus. Het vraagt coördinatie, overzicht en duidelijke afspraken. Precies die zaken die onder druk komen te staan in het aanvraagseizoen (een piekperiode). Het gevolg? Werkdruk en stress bij medewerkers die vaak toch al met beperkte capaciteit werken.

Bij Forseti zien we dat de combinatie van slimmere processen en de juiste software gemeenten helpt om efficiënter leerlingenvervoer te organiseren en werkdruk te verlagen.

 

Ravijnjaar 2028: kansen voor gemeenten

Het zogenoemde ravijnjaar is niet verdwenen, maar wel verschoven. Waar gemeenten zich lange tijd voorbereidden op een forse financiële terugval in 2026 door een verlaging van de financiële bijdragen vanuit het Rijk, is die scherpe daling in de praktijk doorgeschoven richting 2028.

Zeven mythen in het leerlingenvervoer anno 2026

Een jaar na ons oorspronkelijke blogbericht over de zeven mythen rondom leerlingenvervoer zijn de problemen in het leerlingenvervoer nog altijd even actueel. Recent besteedde EenVandaag opnieuw aandacht aan het onderwerp, waarbij de Kinderombudsman het nieuwe kabinet opriep om dringend actie te ondernemen. Jaar in jaar uit melden ouders problemen zoals te late bussen, vechtpartijen en stress bij kinderen in het speciaal onderwijs. Om dieper door te dringen tot de werkelijke knelpunten is het tijd om de mythen rondom leerlingenvervoer wederom door te prikken.