Koopt u uw Wmo-vervoer in conform AMvB?

Redactie Forseti

Koopt u uw Wmo-vervoer in conform AMvB?

VOOR INCLUSIE EN

ZELFREDZAAMHEID

Redactie Forseti

Per 1 juni 2017 is de nieuwe Algemene Maatregel van Bestuur voor de Wmo van kracht. Doel hiervan is een goede verhouding tussen prijs en kwaliteit te realiseren. De AMvB vereist dat gemeenten bij een aanbesteding een reële prijs hanteren. Door de AMvB moeten gemeenten zich meer verdiepen in de kosten van het Wmo-vervoer. De AMvB biedt gemeenten de keuze uit drie mogelijkheden:

  1. De gemeente hanteert een vaste prijs.
  2. De gemeente hanteert een reële prijs als minimumprijs.
  3. De gemeente noemt geen reële prijs, maar vraagt de aanbieder een reële onderbouwing van de inschrijfprijs.

De opties 2 en 3 lijken het meest geschikt voor het Wmo-vervoer.

Klik hier voor de complete tekst van de AMvB.

Het hanteren van een reële prijs als minimumprijs (mogelijkheid 2) vereist tijdens de voorbereiding van de aanbesteding een verdieping in de kostprijs van uw vervoer. Er is namelijk geen uniforme landelijke kostprijs vast te stellen. Wel kan de gemeente gebruik maken van een aantal landelijke normen, maar de kostprijs per uur hangt mede van de regionale situatie af. Dit betekent dat de gemeente tijdens de voorbereiding van de aanbesteding veel aandacht moet besteden aan de relatie tussen het eisenpakket van het vervoer, de rijsnelheden en combinatiefactor in de regio en de bijbehorende kostprijs. Een gemeente moet hier gedegen onderzoek doen.

Reële onderbouwing

Indien de gemeente kiest voor het opvragen van een reële onderbouwing (mogelijkheid 3) moet zij na inschrijving vaststellen of een inschrijver een reële inschrijfprijs heeft geoffreerd. Dat vereist dat de gemeente in de voorbereidingsfase wel al nadenkt over de te hanteren norm en de opzet van het beoordelingsproces, bijvoorbeeld door vooraf een onderbouwingsformat op te stellen, waarin ook ruimte is voor de aannames die een inschrijver doet. Op die manier wordt voldaan aan de kostenelementen uit de AMvB en kan de opdrachtgever de geoffreerde tarieven makkelijker met elkaar vergelijken.

Aannames

De AMvB hanteert voor alle varianten een aantal vastgestelde kostprijselementen, zoals kosten chauffeur, kosten niet-productieve uren, reis- en opleidingskosten, redelijke overheadkosten, en indexatie. Belangrijk is dat de gemeente ook rekening moet houden met aannames die vervoerders moeten doen om tot een inschrijfprijs te komen. Deze aannames zijn een belangrijk onderdeel van de calculatie. Denk hierbij aan het aantal kilometers per uur dat een voertuig rijdt en de combinatiegraad in het vervoer.

Voor welke variant een gemeente ook kiest, met de AMvB moet de gemeente zich meer verdiepen in de kostprijs van het Wmo-vervoer. Voor het maken van de keuze en de uitwerking van de gekozen variant is voldoende tijd nodig in het aanbestedingsproces. Tevens vraagt dit om specifieke kennis over en ervaring met de kostenbouw van taxivervoer en de mogelijkheid de realiteitszin van het tarief vast te stellen. Forseti kan u ondersteunen bij het maken van een keuze tussen de drie varianten die de AMvB biedt, het uitwerken van de variant en het adviseren bij het bepalen dan wel toetsen van de (minimale) kostprijs.

Heeft u hierover vragen of heeft u advies nodig? U kunt altijd contact opnemen met Marcel Slotema (m.slotema@forseti.nl of (06) 33 30 56 30).

Wil je meer weten?

Wij informeren je graag.  

Bekijk ook

Meer vervoersmogelijkheden voor werkend Utrecht

Hoe zorg je dat mensen hun werk kunnen bereiken als de regio groeit en de ruimte beperkt blijft? In Utrecht werkt Forseti samen met Mobycon aan die vraag, met bedrijventerrein Lage Weide en het St. Antonius Ziekenhuis in Leidsche Rijn als concrete locaties. We doen dat in opdracht van de gemeente en provincie Utrecht, vanuit Publieke Mobiliteit, waarvan Forseti onderdeel is. Binnen die samenwerking verbinden we onze kennis om tot passende en uitvoerbare vervoersoplossingen te komen.

Ronald Derks in zijn “nieuwe” rol bij Jobinder

Sinds begin juli is Ronald Derks coördinator van het mobiliteitsbureau van Jobinder in Noordoost-Fryslân. Hij volgde Paul Maasbommel op, die met pensioen is gegaan. Ronald begon op een belangrijk moment, want op 1 januari 2027 gaan nieuwe vervoerscontracten in.

Studiereis Wenen: publieke mobiliteit op zijn Weens

Tijdens de studiereis naar Wenen van Publieke Mobiliteit onderzochten we hoe openbaar vervoer, deelmobiliteit en doelgroepenvervoer op elkaar aansluiten. Vanuit Forseti keken we vooral naar de organisatie achter het vervoer. Ontdek de inzichten.

Leerlingenvervoer: bijna 40 jaar decentralisatie

Gemeenten zijn al sinds 1987 verantwoordelijk voor het leerlingenvervoer. Ze bepalen niet alleen hoe het vervoer wordt georganiseerd en gefinancierd, maar krijgen ook ruimte om zelf te bepalen wanneer ouders aanspraak kunnen maken op ondersteuning.

Meer vervoersmogelijkheden voor werkend Utrecht

Hoe zorg je dat mensen hun werk kunnen bereiken als de regio groeit en de ruimte beperkt blijft? In Utrecht werkt Forseti samen met Mobycon aan die vraag, met bedrijventerrein Lage Weide en het St. Antonius Ziekenhuis in Leidsche Rijn als concrete locaties. We doen dat in opdracht van de gemeente en provincie Utrecht, vanuit Publieke Mobiliteit, waarvan Forseti onderdeel is. Binnen die samenwerking verbinden we onze kennis om tot passende en uitvoerbare vervoersoplossingen te komen.

Ronald Derks in zijn “nieuwe” rol bij Jobinder

Sinds begin juli is Ronald Derks coördinator van het mobiliteitsbureau van Jobinder in Noordoost-Fryslân. Hij volgde Paul Maasbommel op, die met pensioen is gegaan. Ronald begon op een belangrijk moment, want op 1 januari 2027 gaan nieuwe vervoerscontracten in.