Te laat starten met aanbesteden? Dit zijn de 5 grootste risico’s

Redactie Forseti

Te laat starten met aanbesteden? Dit zijn de 5 grootste risico’s

VOOR INCLUSIE EN

ZELFREDZAAMHEID

Redactie Forseti

We zetten de vijf grootste risico’s voor je op een rij:

1. Geen tijd om echt te begrijpen wat je nodig hebt

Een goede aanbesteding begint bij een scherpe analyse van je vraag. Wat werkt er goed? Wat kan beter? Waar wil je naartoe? Wat is er mogelijk? Als je te laat start, is er simpelweg geen ruimte voor een zorgvuldige voorbereiding, gesprekken met betrokkenen of een marktverkenning. Dat vergroot de kans op een contract dat eigenlijk niet past.

2. Stress en druk bij inkoop én beleid

Als deadlines ineens in zicht komen, wordt de druk op het projectteam vaak hoog. Er moet in korte tijd veel gebeuren, terwijl het gewone werk ook doorgaat. Die stress werkt fouten in de hand. En het bemoeilijkt de samenwerking tussen beleid, inkoop en uitvoering. Juist daar ligt de sleutel voor een goede aanbesteding.

3. Beperkte interesse van aanbieders

Aanbieders hebben tijd nodig om zich goed voor te bereiden op de inschrijving én voor een degelijke implementatie van de opdracht. Als je aanbestedingsdocumenten pas laat deelt, haakt een deel van de markt af. Zeker in krappe sectoren zoals het leerlingenvervoer of Wmo-vervoer wil je aantrekkelijk zijn als opdrachtgever. Dat lukt alleen met een helder, zorgvuldig opgesteld bestek én voldoende voorbereidingstijd.

4. Geen ruimte voor draagvlak en afstemming

Een contract heeft alleen kans van slagen als het gedragen wordt door alle betrokken partijen: beleidsadviseurs, cliënten, zorgaanbieders, vervoerders, ouders en scholen. Maar draagvlak ontstaat niet vanzelf. Daarvoor is tijd nodig. Te laat starten betekent dat je belangrijke stemmen mogelijk mist, met alle gevolgen van dien in de uitvoering.

5. Last minute verlengen of ‘noodcontracteren’

Uiteindelijk is dit misschien wel het grootste risico: dat je simpelweg niet op tijd bent. Dan rest er niets anders dan een (vaak dure) verlenging, of zelfs een tijdelijke noodconstructie. Dat is zonde. Voor je budget, voor je beleidsdoelen én voor de mensen die afhankelijk zijn van jouw opdracht. 

Kortom: 

Een goede aanbesteding verdient tijd. Niet om het ingewikkeld te maken, maar juist om het simpel, haalbaar en uitvoerbaar te houden. Door tijdig te starten, voorkom je haast, vergroot je de kwaliteit én vergroot je de kans op een contract waar je echt mee vooruit kunt. 

Nieuwsgierig hoe Forseti gemeenten hierbij ondersteunt? Lees meer over onze aanpak op de pagina Inkoop en Aanbesteding. 

Wil je meer weten?

Wij informeren je graag.  

Bekijk ook

Maak kennis met collega Inge Gabriëls

“Achter de cijfers zit een wereld die veel groter is dan ik had verwacht”

Sinds 1 maart versterkt Inge Gabriëls het team van Forseti als medewerker contractbeheer. In deze rol ondersteunt zij de contractmanagers en data-analist Maartje bij verschillende werkzaamheden rondom contractbeheer, rapportages en data-analyse.
Hoewel Inge dagelijks bezig is met doelgroepenvervoer, was deze wereld voor haar voordat ze bij Forseti startte nog onbekend terrein.

“Voordat ik bij Forseti kwam, had ik eigenlijk nog nooit echt stilgestaan bij deze wereld. Inmiddels ontdek ik hoe groot en complex het is. Er komt veel meer bij kijken dan ik vooraf had gedacht.”

Cliëntenvervoer verandert: waarom de oplossingen van gisteren niet meer volstaan

Cliëntenvervoer staat voor een nieuwe fase. Waar het voorheen vooral ging om zo efficiënt mogelijk ritten uitvoeren, draait het vandaag de dag om een veel bredere vraag. Hoe zorgen we ervoor dat inwoners ook in de toekomst toegang houden tot zorg, dagbesteding en kunnen blijven deelnemen aan de maatschappij.

Samenredzaam leerlingenvervoer: van handicap naar partnerschap

Binnen veel gemeenten groeit het besef dat leerlingenvervoer meer moet zijn dan alleen het organiseren van taxi’s. Het raakt aan zelfredzaamheid, ouderbetrokkenheid, inclusie en de ontwikkeling van kinderen. Tegelijk staat het vervoer zoals we het al jaren organiseren dagelijks onder druk.

Bij Forseti geloven we dat het anders kan. Niet door simpelweg te bezuinigen, maar samenredzaam te werk te gaan. Door leerlingenvervoer opnieuw te ontwerpen als een gezamenlijke verantwoordelijkheid van gemeente, ouders, scholen en netwerk. Een aanpak waarin ondersteuning centraal staat in plaats van alleen de voorziening.

In en met de gemeente Oude IJsselstreek hebben we in 2024 en 2025 laten zien hoe zo’n beweging eruit kan zien. In dit artikel schetsen we hoe dat ging en hoe je nog een paar stappen verder kunt komen.

Aanbesteden doelgroepenvervoer in 2027 of 2028? Start nu!

Gemeenten stellen het aanbesteden van doelgroepenvervoer regelmatig uit. Begrijpelijk, want de druk op capaciteit is hoog en er spelen veel andere prioriteiten. Toch is er een moment waarop uitstel niet meer onschuldig is, maar direct risico’s oplevert voor de continuïteit en kwaliteit van het vervoer. Dat moment ligt vaak eerder dan wordt gedacht.

Loopt het contract voor leerlingenvervoer of Wmo-vervoer af in 2027 of 2028? Dan is het antwoord simpel: start nu met de aanbesteding ervan.

Maak kennis met collega Inge Gabriëls

“Achter de cijfers zit een wereld die veel groter is dan ik had verwacht”

Sinds 1 maart versterkt Inge Gabriëls het team van Forseti als medewerker contractbeheer. In deze rol ondersteunt zij de contractmanagers en data-analist Maartje bij verschillende werkzaamheden rondom contractbeheer, rapportages en data-analyse.
Hoewel Inge dagelijks bezig is met doelgroepenvervoer, was deze wereld voor haar voordat ze bij Forseti startte nog onbekend terrein.

“Voordat ik bij Forseti kwam, had ik eigenlijk nog nooit echt stilgestaan bij deze wereld. Inmiddels ontdek ik hoe groot en complex het is. Er komt veel meer bij kijken dan ik vooraf had gedacht.”

Cliëntenvervoer verandert: waarom de oplossingen van gisteren niet meer volstaan

Cliëntenvervoer staat voor een nieuwe fase. Waar het voorheen vooral ging om zo efficiënt mogelijk ritten uitvoeren, draait het vandaag de dag om een veel bredere vraag. Hoe zorgen we ervoor dat inwoners ook in de toekomst toegang houden tot zorg, dagbesteding en kunnen blijven deelnemen aan de maatschappij.